Het
is een typisch knusse klein water vereniging. Plasje omgeven
door bomen - dat kennen we in Nederland - prachtig grasveldje en een
hartelijk welkom door Harald Berning (GER 122) en zijn huis-zwaan.
Er gaat toch niets boven
een grasveldje in de zon om je boot op te tuigen. Dit gras werd prachtig
op lengte gehouden door Harry de huis-zwaan, welke volkomen onverstoord
door ging met zijn werkzaamheden terwijl we hem interviewden.
Waar dit beest zijn
energie vandaan haalde was ons een raadsel. Als een heus duracel konijn
maaide hij de grasmat vlak en ook de wedstrijd organisatie leek ons
ongewoon actief. Ons werd verteld dat dit kwam door een aardstraal in
de grond. Nu, dat moesten we onderzoeken.
Met zo'n
aardstraal moest je dan ook voordeel in de wedstrijd kunnen opdoen -
zo redeneerden wij - dus werd er m.b.v. startkabels een verbinding gelegd
tussen deze aardstraal en de plus van de FD, ofterwijl het bakboord
hoofdwant.
Na een half uurtje vrolijk
laden zagen we dat er meerderen op dat idee gekomen waren, en ja, nu
was onze voorsprong in bootsnelheid weer tot het oude niveau gereduceerd
! Het resultaat was wel dat alle boten er als dolle stieren vandoor
gingen in het olympische baantje van de eerste wedstrijd.
Door een krimpende wind
werd het tweede wedstrijdje op een Donald-Duck baan gevaren, iets waar
wij - NED 12 - helemaal niet blij mee waren. De reden voor ons verdriet
zal duidelijk zijn, het lag niet aan de baan, we waren gewoon niet goed
weg bij de start en zo leek het alsof we onze eerste plaats van het
1e potje niet zouden evenaren. Halverwege keerde het tij echter, en
wisten we de concurentie toch het nakijken te geven, waarschijnlijk
had onze boot net iets langer aan de oplader gestaan.
Tussen de wedstrijden
door mochten we gelukkig even naar de kant waar koffie en enorme plakken
koek ons al aankeken van "waar bleef je nou ?" Voor sommigen
was deze time-out ook van harte welkom om gebroken lijntjes te repareren
of om figuurlijk - maar soms ook letterlijk - de wonden te likken.
Om zes uur gingen we
eindelijk met volle buik voor het derde potje van start, en terwijl
wij aan het strijden waren werd er een koningsmaal voor ons bereid,
dat wil je niet weten... Hoe het allemaal is gekomen is me een raadsel,
maar de NED 12 wist zich weer naar voren te werken, gevolgd door de
NED 9 van Paul en Sander. Deze Nederlanders ruikten blijkbaar de keuken
!
Onze
Jupp had het er maar zwaar mee, drie potten op een plas waar de wind
je uitdaagt en het commite je lange banen geeft, dat viel hem duidelijk
zwaar... Zo zwaar dat Paul hem spontaan een tuinstoel aanbood en Rubberen
Robbie van zijn huidje hielp ontdoen. Dat viel nog niet mee ! Zijn voeten
leken wel één geworden met het pak, maar na stevig trekken
en een drie meter lang pak lukte het toch de siamese tweeling te scheiden.
Jupp was zo vermoeid
dat we sindsdien niets meer van hem hebben vernomen. Waarschijnlijk
is hij zaterdag op de bank in slaap gevallen en moest men hem zondag
avond wakker maken omdat hij zijn vierde prijs niet is komen ophalen
!
Er werd niet alleen
gezorgd voor eten, ook onderdak was geen probleem. Na de koelkast uitgebreid
met Harald geinspecteerd te hebben konden de Nederlanders zich een plaatsje
in het clubhuis uitzoeken. Voor snurkers was er zelfs een speciale ruimte
ingericht, met rustgevende muziek en geluidswerende wanden. Thijs en
Adriaan hebben zich hierin prima vermaakt. Wat ze allemaal uitgespookt
hebben weet niemand, in elk geval niet gesnurkt naar hun eigen zeggen
!

De volgende ochtend
konden we na lekker uitslapen tot half negen aan een degelijk duits
ontbijtje met gebakken eireren met spek en een paar liter koffie de
man. Stijf van cafeine en wederom onder hoogspanning mochten we weer
het water op voor een laatste potje op een olmympisch baantje, drie
maal driehoek-lus... De wind was als zaterdag, iets meer in de lengte
van de plas, maar prachtig in kracht, zo rond kracht drie.
Het werd weer een tactisch
spelletje, met een eiland als wakend oog midden in de plas. Het was
weer aardig stuivertje wisselen voorin en alles was nog mogelijk op
deze plas. Dat bleek o.a. uit ronde 2, waarin de NED 12 in een verloren
gewaande positie voor de broodnodige verandering de kant van het eiland
koos waar wel wind zat, en toen lagen ze weer eerste.
Helaas sloeg het noodlot
in de derde ronde toe, toen de inmiddels oververhitte Adriaan door zijn
veel te snelle stuurman in het water werd ondergedompeld, gevolgd door
de rest van de boot. Na een snelle oprichting van de boot werd de weg
vervolgd - jaja, inclusief zwaard.
Een snelle rekensom
en een blik achter ons leerde dat de NED 12 welke toch al verzekerd
was van goud, beter maar de NED 9 voor kon laten gaan om hem de tweede
plaats te bezorgen. Of dit opzet of gewoon kranten was zullen de kijkbuiskindertjes
nooit weten, het feit was dat de NED 9 inderdaad de lijn net voor de
NED 12 wist te doorkruisen en daarmee de tweede plaats binnen sleepte.
Dat
het niet allemaal dolle pret was bewijst deze duts in de romp van de
NED 348. Dit gebeurde uitgerekend bij de helling bij het uit het water
halen, echter buiten hun eigen schuld... Doodzonde jongens...
De moraal van dit verhaal
is misschien nog niet helemaal duidelijk uit de verf gekomen, dus zal
ik hem nog even ongenuanceerd herhalen: Volgend jaar is deze wedstrijd
echt een aanrader ! We hebben Harald beloofd dan met minstens tien Nederlandse
deelnemers aan de start te verschijnen. Het is niet alleen mooi zeilen
op deze plas (je moet wel van een draaiinkje houden), het is vooral
het feit dat je je echt welkom voelt op deze vereniging, en dat is iets
wat steeds meer verenigingen in Nederland aan het ontberen zijn. Toch
vind ik dat persoonlijk een van de belangrijkste aspechten van een zeilwedstrijd.
Niet alleen de eerste prijs op mijn schoorsteenmantel geeft me zondagavond
het fijne gevoel, nee; de zwaan, de grassprietjes en het warme welkom
in Loheide.
Dat maakt mijn weekend.....